Ik hoor niet, maar ik voel

Over doof zijn, thuiskomen in het natuur en mezelf kunnen zijn bij dieren.

Soms kan een klein momentje mij helemaal terug brengen naar een herinnering.
Naar wie ik ben en altijd ben geweest. Alleen… ik vergeet dat soms.
In een wereld die snel is, vol prikkels en verwachtingen,
voelde ik dit weekend hoe fijn het was om gewoon te zijn. Offline te zijn. Met mezelf.
Te creëren, te schrijven en kunst te maken. Te kijken en echt te zien.

En dit is het resultaat: mijn allereerst post hier (eigenlijk 1 juni gepost op Substack)
Ik kijk ernaar uit om vaker te schrijven, gewoon over wat ik voel, zie en mee wil geven. In mijn flow.

Ik hoor niet, maar ik voel

Wandelend over het paadje
Naast een grote sloot
Iets ving mijn blik…
Waardoor ik intuïtief struikelde
Iets in mij fluisterde
Dat ik een stap over moest slaan
Ik draai me om

Ik zie iets donkers op het pad
Tussen het groen
Onopvallend
Een diertje, zich niet bewust van het gevaar
Zo klein, zo breekbaar

Het trekt me aan
Ik zak door mijn knieën
En bekijk het dichterbij

Zachtjes pak ik het op
Een mooi diertje
Met zacht, donkergrijs lijfje
Ik laat het aan Merlijn zien
Merlijn snuffelt en gaat weer zijn gangetje

Ik aai het diertje teder
En til het voorzichtig op
Om te voelen of zijn pootjes nog werken
Het blijft even zitten op mijn hand
Vol vertrouwen
Kwakend

En ineens voel ik liefde
In mijn hart
Liefde voor het diertje
En voor dit moment

Dan beweegt het zijn pootjes
En springt van mijn hand af
Richting de sloot
Waar het thuishoort
En ik kijk toe met liefde in mijn hart


Na dit moment wandelde ik terug naar huis,
En ik ging even terug in tijd.
Met liefde in mijn hart.
Naar de tijd toen ik een klein meisje was.
Met herinneringen vol dieren.

Ik had altijd dieren om me heen.
We hadden een pony bij huis, van mijn zus.
En kippen, die zelfs hun kuikens aan mij liet zien.

Toen mijn vader op mijn zesde vroeg of ik een hond was, zei ik hardop: “JA.”

Regelmatig keek ik in het keukenkastje of de muis die in de val zat nog leefde en in hoop dat ik die nog kon redden.
Mijn moeder vertelde me ooit dat ik als klein meisje op haar schoot zat, en dat er een muisje door de kamer liep. Ik zei: ‘Aaah wat lief’.

Tijdens het bouwen van een hut, in mijn eentje, werd mijn blik gevangen door iets in mijn ooghoek.
Een prachtig kitten! Grijs gestreept met een wit borstje. Met blauwe ogen. Kijkend naar mij.
Ik nam het voorzichtig mee naar binnen en liet het aan mijn moeder zien. Zij was aan het bellen en helemaal verbaasd.
Daarna probeerde ik terug te brengen want misschien was de moeder er nog ergens.
Maar toen ik het terugzette en weer wegliep, liepen er ineens drie kittens achter me aan.
In een rij, door de struiken, op mijn spoor…
Ik smeekte of ik voor hen mocht zorgen.
Iedere ochtend vóór school gaf ik ze melk.
Ik herinner me nog hoe hun oortjes bewogen terwijl ze dronken.

En nu jaren later zijn er Merlijn en Noah.
Ze geven mij dagelijks geluk.

Merlijn herinnert me eraan dat ik nooit te oud ben om contact te maken met mijn innerlijk kind.
Mijn fluff sjamaantje.
Hij was er ook in mijn wat moeilijkere jaren, gewoon door er te zijn. En hij was toen de reden dat ik uit mijn bed kwam.
Nu nog soms 😉
En dan is er
koninklijke kat Noah,
die spinnend naast mij ligt als ik op de bank zit.
Noah vertelt mij om van de kleine momenten te genieten.

Als doof klein meisje voelde ik me veiligst bij de dieren.
De dieren geven mij altijd gevoel dat ik niet alleen ben.
Dat gevoel is er nog steeds.
Met dieren kon ik communiceren.
Op gevoel.
Gewoon zijn. Zoals ik ben.
Mijn droom is nog steeds om een huisje te hebben,
met wat groen en dieren om me heen.

In het natuur en bij dieren voel ik me thuis
Daar voel ik: ik hoef niets te worden, ik bén al.
Wat brengt jou terug naar jezelf?

Dankjewel voor het lezen en hopelijk tot volgende keer.

Liefs,
Geertruida

Plaats een reactie